


Waar ik
op zijn tijd
met het uitlaten
van mijn trouwe viervoeter
te vinden ben…
Met mijn woorden:
“Ik laat de hond uit
en de hond laat mij uit.”
Het leek even alsof
ik het bos
voor mijzelf had,
op een paar kraaien na…
Ze scharrelden rond,
op zoek naar iets eetbaars,
achtergelaten
door wandelaars
een korst brood,
misschien wat hondenbrokjes…
Of wie weet
waar hun scherpe ogen
nog meer op gericht waren.
Deze keer
was het rustiger
dan anders.
Ik keek en luisterde
Ik zweeg
terwijl ik daar
op een bank zat
leek het alsof niet alleen
de hond werd uitgelaten,
maar tegelijkertijd
ook ik…, met mijn hoofd leeg
Groet Plantster